Terug
Wet en regelgeving Leestijd 7 minuten

Het fasensysteem voor uitzendkrachten: wat moet je als werkgever weten?

Uitzendkrachten geven je organisatie ruimte. Om ziekte of zwangerschapsverlof op te vangen, tijdelijke drukte door te komen of snel extra capaciteit in huis te halen. Hoe langer een uitzendkracht werkt, hoe meer zekerheid diegene opbouwt. Dat is geregeld via het fasensysteem.

Als inlener is het belangrijk om te weten in welke fase een uitzendkracht zit. Het uitzendbureau houdt bij welke fase van toepassing is, maar de fase kan wel gevolgen hebben voor de flexibiliteit van jouw inzet. Per fase verschillen namelijk de mogelijkheden om een opdracht te beëindigen en de gevolgen daarvan. In dit artikel leggen we uit hoe fase A, B en C werken en waar je rekening mee moet houden.

Wat is het fasensysteem?

Een uitzendkracht is in dienst van het uitzendbureau en werkt bij jouw organisatie, onder jouw leiding en toezicht. De arbeidsovereenkomst bestaat dus tussen de uitzendkracht en het uitzendbureau.

Naarmate iemand langer voor hetzelfde uitzendbureau werkt, krijgt diegene meer zekerheid over werk en inkomen. In de Cao voor Uitzendkrachten worden de fasen aangeduid als:

  • Fase A: maximaal 52 gewerkte weken.
  • Fase B: maximaal 3 jaar en maximaal 6 tijdelijke uitzendovereenkomsten.
  • Fase C: een uitzendovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Sommige uitzendbureaus gebruiken in plaats daarvan de aanduiding fase 1-2 (voor fase A), fase 3 (voor fase B) en fase 4 (voor fase C). De cao staat beide aanduidingen toe; inhoudelijk gaat het om hetzelfde systeem.

Let op: vanaf 1 januari 2028 verandert het fasensysteem. Fase B wordt dan verkort van maximaal 3 naar maximaal 2 jaar. Verderop in dit artikel lees je meer over deze wijziging.

Fase A: de meest flexibele fase

Een uitzendkracht die voor het eerst via een uitzendbureau gaat werken, begint in principe in fase A. Eerder opgebouwd relevant arbeidsverleden, bijvoorbeeld bij opvolgend werkgeverschap, kan hierop van invloed zijn. Deze fase duurt maximaal 52 gewerkte weken bij hetzelfde uitzendbureau. Een gewerkte week is iedere week waarin de uitzendkracht daadwerkelijk uitzendarbeid verricht. Of iemand die week 8 of 40 uur werkt, maakt niet uit: de week telt als 1 gewerkte week. Ook weken waarin de uitzendkracht doorbetaalde vakantie opneemt, tellen mee.

Fase A is daarmee niet automatisch na 1 kalenderjaar voorbij. Werkt iemand niet iedere week? Dan kan het langer dan een jaar duren voordat 52 gewerkte weken zijn bereikt.

Hoeveel contracten zijn toegestaan in fase A?

Binnen fase A mag het uitzendbureau een onbeperkt aantal uitzendovereenkomsten aangaan. Wel geldt sinds 2026 een aanvullende regel: volgt binnen 1 maand een nieuwe uitzendovereenkomst bij hetzelfde uitzendbureau en blijft de uitzendkracht bij dezelfde opdrachtgever werken? Dan moet die volgende overeenkomst minimaal vier weken duren. Werken met losse dag- of weekcontracten is dus niet mogelijk.

Wat is het uitzendbeding?

In fase A kan een uitzendbeding worden afgesproken. Daarmee wordt de duur van de arbeidsovereenkomst gekoppeld aan de opdracht. Stopt de terbeschikkingstelling op verzoek van de opdrachtgever, dan kan ook de uitzendovereenkomst automatisch eindigen.

Daar gelden wel voorwaarden voor. Heeft de terbeschikkingstelling langer dan 26 gewerkte weken geduurd? Dan moet het uitzendbureau minimaal tien kalenderdagen van tevoren melden dat de overeenkomst eindigt. Tijdens arbeidsongeschiktheid kan de terbeschikkingstelling niet vanwege die arbeidsongeschiktheid eindigen via het uitzendbeding. Een vooraf overeengekomen einddatum van de uitzendovereenkomst kan tijdens ziekte wel worden bereikt.

Een uitzendbeding is niet verplicht. Zonder uitzendbeding betekent het stoppen van de opdracht niet automatisch dat ook de arbeidsovereenkomst tussen het uitzendbureau en de uitzendkracht eindigt. Ook kan in fase A onder voorwaarden de loondoorbetalingsverplichting worden uitgesloten.

Stem daarom goed af met het uitzendbureau welke afspraken gelden. Zo weet je vooraf wat de gevolgen zijn als je de inzet eerder wilt stoppen.

Fase B: meer zekerheid voor de uitzendkracht

Werkt de uitzendkracht na fase A door via hetzelfde uitzendbureau? Dan volgt fase B. Ook als iemand binnen zes maanden na fase A terugkeert bij hetzelfde uitzendbureau, komt diegene in fase B.

Fase B duurt momenteel maximaal 3 jaar. Binnen deze periode mogen maximaal 6 tijdelijke uitzendovereenkomsten worden gesloten. In deze fase is een uitzendbeding niet meer mogelijk. Stopt de opdracht bij jou? Dan eindigt de arbeidsovereenkomst van de uitzendkracht dus niet automatisch. Het uitzendbureau kan verplicht zijn het basisloon door te betalen en te zoeken naar passende vervangende arbeid.

Wil je een uitzendkracht langere tijd inzetten? Kijk daarom niet alleen naar de einddatum van de opdracht, maar ook naar de fase en de looptijd van het contract. Bespreek vooraf met je uitzendpartner wat er gebeurt als de inzet eerder stopt.

Wil je meer weten over flexibele inzet en wat dit voor jouw organisatie kan betekenen?

Fase C: een contract voor onbepaalde tijd

Na het volledig doorlopen van fase B volgt fase C. De uitzendkracht heeft dan een uitzendovereenkomst voor onbepaalde tijd bij het uitzendbureau, zonder uitzendbeding.

Het einde van een opdracht betekent ook in deze fase niet automatisch het einde van de arbeidsovereenkomst. De uitzendkracht kan nog steeds bij verschillende opdrachtgevers worden ingezet, maar de arbeidsrechtelijke flexibiliteit is kleiner dan in fase A. Maak daarom duidelijke afspraken over de duur van de inzet en wat er gebeurt als een opdracht stopt.

Wat betekent fase C voor jou als opdrachtgever?

Een uitzendkracht in fase C kan nog steeds flexibel bij verschillende opdrachtgevers worden ingezet, maar de arbeidsrechtelijke flexibiliteit is kleiner dan in fase A. Maak daarom duidelijke afspraken met je uitzendpartner over de gewenste duur van de inzet, opzegtermijnen en de gevolgen wanneer een opdracht stopt.

Wat gebeurt er bij een onderbreking?

Een veelgemaakte denkfout is dat een uitzendkracht na een korte onderbreking automatisch weer vooraan in fase A begint. Dat is niet zo.

Tot 1 januari 2028 geldt in de cao in principe een onderbrekingstermijn van meer dan zes maanden. Komt een uitzendkracht binnen zes maanden terug bij hetzelfde uitzendbureau, dan wordt de eerder opgebouwde rechtspositie meegenomen. In fase A gaat de telling van de gewerkte weken verder waar deze gebleven was. In fase B telt een onderbreking van zes maanden of korter bovendien mee in de maximale duur van fase B.

Pas na een onderbreking van meer dan zes maanden begint de telling in beginsel opnieuw in fase A.

Let op bij een wisseling van uitzendbureau

Ook wanneer een uitzendkracht overstapt naar een ander uitzendbureau, staat de teller niet automatisch weer op nul. Er kan sprake zijn van opvolgend werkgeverschap. Dat speelt bijvoorbeeld wanneer een uitzendkracht via een ander uitzendbureau hetzelfde of nagenoeg hetzelfde werk bij dezelfde organisatie blijft doen.

In dat geval moet relevant arbeidsverleden worden meegenomen bij het bepalen van de fase. Gaat een uitzendkracht over naar een ander uitzendbureau om het werk bij dezelfde opdrachtgever voort te zetten, dan moet de rechtspositie onder de Cao voor Uitzendkrachten minimaal gelijk zijn aan de rechtspositie bij het vorige uitzendbureau.

Voor opdrachtgevers is dit vooral belangrijk bij een leverancierswissel of een nieuwe aanbesteding. Een nieuwe leverancier betekent dus niet dat alle uitzendkrachten opnieuw in fase A kunnen beginnen.

De fase bepaalt niet de arbeidsvoorwaarden

Minder contractuele zekerheid betekent niet dat een uitzendkracht in fase A vanwege die fase minder gunstige arbeidsvoorwaarden mag krijgen dan iemand in fase B of C.

Sinds 1 januari 2026 geldt onder de Cao voor Uitzendkrachten het uitgangspunt van gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden. Het totale arbeidsvoorwaardenpakket van de uitzendkracht moet minimaal gelijkwaardig zijn aan dat van een medewerker die bij de opdrachtgever in een gelijke of gelijkwaardige functie werkt. Dat betekent niet dat iedere afzonderlijke arbeidsvoorwaarde hetzelfde hoeft te zijn; het totale pakket moet minimaal gelijkwaardig zijn.

Als opdrachtgever heb je hierin een belangrijke verantwoordelijkheid. Je moet het uitzendbureau vooraf correct informeren over de arbeidsvoorwaarden die binnen jouw organisatie gelden. Denk niet alleen aan salaris, maar bijvoorbeeld ook aan toeslagen, vakantiedagen, vergoedingen en andere arbeidsvoorwaarden.

Veranderen deze arbeidsvoorwaarden? Zorg dan dat je uitzendpartner daar tijdig van op de hoogte is.

Het fasensysteem verandert vanaf 2028

De Wet meer zekerheid flexwerkers verandert vanaf 1 januari 2028 een aantal belangrijke onderdelen van het fasensysteem. De belangrijkste wijziging is dat fase B wordt verkort. De opbouw wordt dan:

  • Fase A: maximaal 52 gewerkte weken.
  • Fase B: maximaal 2 jaar en maximaal 6 tijdelijke uitzendovereenkomsten.
  • Fase C: een uitzendovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Een uitzendkracht bereikt daardoor eerder het moment waarop bij voortzetting een contract voor onbepaalde tijd aan de orde is.

Voor uitzendkrachten die op 1 januari 2028 al in fase B zitten, geldt overgangsrecht. Daardoor kan voor een lopende uitzendovereenkomst nog de huidige termijn van maximaal 3 jaar gelden.

Ook de regels rondom onderbrekingen veranderen. Vanaf 1 januari 2028 wordt de onderbrekingstermijn in beginsel verlengd van zes maanden naar drie jaar (36 maanden). Daardoor begint een uitzendkracht na een onderbreking veel minder snel opnieuw vooraan in het fasensysteem. Op deze hoofdregel bestaan uitzonderingen, onder andere voor bepaalde scholieren en studenten. Lees hier meer over de Wet meer zekerheid flexwerkers.

Wat moet je vooral onthouden?

Het fasensysteem regelt in de eerste plaats de rechtspositie tussen de uitzendkracht en het uitzendbureau. Toch heeft de fase waarin iemand zit ook gevolgen voor jou als opdrachtgever. Hoe verder een uitzendkracht in het fasensysteem komt, hoe meer zekerheid diegene heeft. Vooral het verschil tussen een overeenkomst mét en zonder uitzendbeding is belangrijk: het beëindigen van een opdracht betekent niet altijd dat ook de arbeidsovereenkomst van de uitzendkracht eindigt.

Zet je uitzendkrachten voor langere tijd in? Bespreek dan tijdig met je uitzendpartner welke fase van toepassing is en wat een volgende fase betekent voor de inzet. Zo voorkom je verrassingen wanneer een opdracht verandert, stopt of juist langer doorloopt.

Meer weten over flexibele inzet?

Wil je meer weten over flexibele inzet en wat dit voor jouw organisatie kan betekenen? Lees dan alles over uitzenden en detacheren. Wil je vrijblijvend sparren over jouw personeelsvraagstuk of advies over wat bij jouw organisatie past? Neem dan contact met ons op.

Dit vind je misschien ook interessant

Wet en regelgeving

Webinar terugkijken: Inclusief leiderschap

Inclusief leiderschap helpt organisaties om sterke teams te bouwen waarin iedereen zich gezien, gehoord en gewaardeerd voelt. Tijdens het Summer School webinar van Driessen Groep gaan we in op de rol van leidinggevenden bij het creëren van een open, veilige en inclusieve werkomgeving waarin…

Vrouw achter een computer
Wet en regelgeving

De Wet implementatie Richtlijn loontransparantie mannen en vrouwen

De Wet implementatie Richtlijn loontransparantie mannen en vrouwen (hierna: het wetsvoorstel Loontransparantie) brengt de komende jaren belangrijke veranderingen met zich mee voor werkgevers. Met deze nieuwe wetgeving wil de overheid meer inzicht geven in beloningsverschillen en bijdragen aan…

Wet en regelgeving

Van nuluren naar bandbreedtecontracten: dit verandert er voor werkgevers

Werk je met oproepkrachten op basis van een nulurencontract? Dan is het goed om te weten dat deze contractvorm waarschijnlijk verdwijnt. De Tweede Kamer heeft inmiddels ingestemd met de Wet meer zekerheid flexwerkers (WMZF). Een van de belangrijkste wijzigingen: oproepcontracten maken plaats voor…

Naar alle artikelen

Wil jij niks missen over de laatste ontwikkelingen van de arbeidsmarkt? 

Meld je dan nu aan voor de maandelijkse Driessen nieuwsbrief.

Aanmelden